BESTEL NU UW KAARTEN! KLIK HIER.

kaarten voor de concerten kunnen vooraf worden besteld via het formulier op deze website. We verzoeken u te betalen door het bedrag voor de kaarten over te maken op onze rekening met het nummer IBAN NL29 INGB 0005 6768 11 t.n.v. William Byrd Vocaal Ensemble, Leiden. De kaarten kunnen dan op de avond of middag van het concert worden afgehaald bij de kassa.

Voor de vooraf betaalde kaarten geldt een gereduceerde prijs van € 12,50 per kaart. De betaling moet uiterlijk 24 uur voor het concert zijn bijgeschreven op het genoemde rekeningnummer. Daarna is betaling via de bank niet meer mogelijk en kunnen de bestelde kaarten bij de kassa worden afgehaald tegen contante betaling van de zaalprijs van € 15 per kaart.




Mogelijk werkt het bestelformulier niet altijd door een verschil in browsers. Mocht het registreren via de site niet lukken, kunt u een email sturen naar wbvepenningmeester@gmail.com.

Volgende series:

Zaterdag 9 september: Open Monumentendag;

mogelijk kort optreden


Programma november 2017: Monteverdi en zijn invloed op de Lutherse muziek

Zondag 26 november: cantatedienst Pieterskerk


Programma voorjaar 2018: Mis van Vaughan Williams, met motetten van Byrd e.a.


Meer info t.z.t.: www.williambyrd.nl



Monteverdi en zijn invloed op de Lutherse muziek

Dit jaar worden er in de muziekwereld een flink aantal componisten herdacht. De belangrijkste onder hen is Claudio Monteverdi, die 450 jaar geleden in 1567 geboren werd en die een sleutelrol speelde in de ontwikkeling van de vroege barokstijl. Maar dit jubileum wordt in de Westerse wereld  ruim overschaduwd door de herdenking van 500 jaar reformatie. Daarbij wordt het jaar 1517 als ijkpunt gezien, het jaar waarin Luther naar verluidt zijn 95 stellingen op de deur van de Hofkerk van Wittenberg spijkerde. In dit programma slaat het William Byrd Vocaal Ensemble een brug tussen de muziek van Monteverdi en de lutherse kerkmuziek.

In de loop van de 16de eeuw werden tekstbegrip en tekstuitbeelding in de muziek steeds belangrijker. Persoonlijke emoties kwamen steeds meer op de voorgrond te staan. De polyfone stijl die in de 16de eeuw tot grote bloei was gekomen, kon deze trend uiteindelijk niet meer bijhouden; de meerstemmige madrigalen verschaften te weinig vrijheid voor de smaak van de tijd. Componisten zochten daarom naar nieuwe vormen en nieuwe compositietechnieken. Caccini was een van de eerste die in deze zoektocht een uitweg vond: hij schreef een bundel liederen met begeleiding van een akkoordinstrument en eventueel een basinstrument – de zogenaamde basso continuo – met als titel Nieuwe muzieken en nieuwe manieren om deze te noteren. Claudio Monteverdi (1567- 1643) vervolmaakte deze stijl en leverde hiermee een belangrijke bijdrage aan het ontstaan van de opera. Zijn L'Orfeo, Arianna, Il ritorno d'Ulysse en L'incoronazione di Poppea werden toonaangevend.

Monteverdi was geschoold in de oude stijl en schreef oorspronkelijk ook in deze stijl. In zijn vijfde madrigaalboek zien we voor het eerst een basso continuo verschijnen en als vernieuwende vorm komt hier een lied met refrein voor. In zijn achtste madrigaalboek (Madrigali Guerrieri et Amorosi) is de nieuwe stijl dominant geworden. Toch blijft hij ook in zijn latere jaren dankbaar gebruik maken van het feit dat hij de oude polyfone technieken beheerste. Hij kon daardoor de stijlen afwisselen en zelfs combineren.

Monteverdi's muziek ging heel Europa door en maakte diepe indruk. De eerste componist die de combinatiestijl toepaste in de lutherse kerkmuziek, was Johann Hermann Schein (1586-1630), de beroemdste voorganger van J.S. Bach als Thomascantor in Leipzig. In die tijd had Leipzig een bloeiend cultureel leven en stond het stadsbestuur open voor de vernieuwingen die Schein voorstond. Zijn beroemdste motetbundel werd in 1623 uitgegeven en om de Italiaanse invloed nog eens te benadrukken gaf hij de bundel een dubbele titel: Israelsbrünnlein / Fontana d'Israel. Als teksten voor de bundel koos hij emotie oproepende bijbelfragmenten, waaronder verzen uit de Psalmen en uit Jesaja. Overigens schreef hij ook een bundel Duitse madrigalen met zo'n dubbele titel: Hirtenlust / Diletti pastorali; daarin stonden veel Duitse vertalingen van bekende Italiaanse gedichten.

Ook Heinrich Schütz (1585-1672) was danig onder de indruk van de Italiaanse muziek. Als jongeman was hij al in Venetië geweest om te studeren bij Gabrieli. Maar in 1628 reisde hij weer af naar Venetië, ditmaal om met Monteverdi van gedachten te wisselen over de mogelijkheden die de toepassing van de basso continuo bood en om zich te bekwamen in de nieuwe stijl. De nieuwe stijl had niet alleen als voordeel dat emoties beter muzikaal verwoord konden worden, maar ook dat er minder zangers en instrumentalisten nodig waren door het gebruik van een akkoord­instrument. Dit laatste werd belangrijk, omdat de hoven in Duitsland sterk verarmden door de enorme uitgaven voor de 30-jarige oorlog (1618-1648); op de hofkapellen werd dan ook sterk bezuinigd. Schütz nam zijn toevlucht tot vormen met slechts enkele zangers en instrumen­talisten, naast de basso continuo. Zijn Kleine geistliche Konzerte, zijn hier mooie voorbeelden van. Toch bleef voor Schütz, net als voor Monteverdi de oude stijl en belangrijke kleur op het palet, getuige zijn Geistliche Chormusik (1648), die zowel mét als zonder basso continuo kan worden uitgevoerd.

Een minder bekende componist die de nieuwe stijl toepaste in de lutherse kerkmuziek was Johann Rosenmüller (1619-1684). Hij was organist van de Nicolaikerk en de Thomaskerk in Leipzig. Zijn band met Venetië was sterk, en toen hij Leipzig ontvluchtte na beschuldigingen van ontucht met koorknapen koos hij dan ook deze stad als toevluchtsoord. Vooral zijn instrumentale en geestelijk muziek is overgeleverd, waaronder de Kernsprüche (1648) en Andere Kernsprüche (1652). Rosenmüller componeerde ook Latijnse vesperpsalmen, nauw aansluitend bij de manier waarop Monteverdi dit gedaan had. Zelfs in de manier waarop hij missen en misdelen componeert, volgt hij Monteverdi na: hij gebruikt daarvoor de stile antico.Helaas hebben veel van Rosenmüllers werken het tot op heden niet tot een gedrukte uitgave gebracht, wat niets met de kwaliteit van zijn composities te maken heeft.

mogelijk repertoire:

Monteverdi:

Schein:

Schütz:

Rosenmüller: